27. jan, 2021

Achteraf kan ik zien....

Toen ik het onderwijs instapte
voelde dat voor mij als een roeping.
In alles voelde ik dat ik daar
wilde zijn, dat ik met kinderen
wilde werken, dat ik ze vaardigheden
mee wilde geven waar ze in hun leven
iets aan konden hebben.


Na een aantal jaar voelde dat
niet meer goed.
Ik werkte met de ideeën van iemand
anders en vroeg me steeds vaker af,
dat als ik zo gebonden werd aan
regels, terwijl ik merkte dat dat
niet altijd goed voor de kinderen was,
of ik dan nog achter mezelf kon staan.
Of ik dat deed wat ik in mijn hart voelde
wat goed was.

Ik wist het antwoord diep van binnen
en maakte een keuze.

En kwam vervolgens op die keuze terug,
stapte weer in het onderwijs, dit keer
op een andere wijze.

Tot er een dag kwam dat er een
schreeuwende moeder voor mijn neus stond.
Ik zie mezelf nog uit de school stappen
en in mezelf een dikke punt zetten.
Ik voelde in mij een deur sluiten
en wist dat ik nooit meer terug zou stappen.

Achteraf ben ik die moeder dankbaar,
want zij maakte voor mij zichtbaar
waar ik al een tijdje mee aan het worstelen
was, ze gaf me het laatste duwtje
om het vertrouwde los te laten en
op zoek te gaan naar wat nieuws.

Achteraf kan ik zien dat ik met opzet
op de rem werd gezet.
Ik was tussendoor al een keer opgebrand,
er was al een tijdje niet genoeg zuurstof
maar ik stond het mezelf niet toe
om los te laten, angst voor wat dan,
angst om mijn rekeningen niet te 
kunnen betalen, het gevoel van falen enz.

Achteraf kan ik zien dat ik alle signalen
in mezelf negeerde. Dat er genoeg
tekens op mijn pad kwamen,
om stil te gaan staan en mezelf
beter te leren kennen.
Maar ik werd zo naar buiten getrokken
dat ik mezelf niet toe stond om naar
binnen te gaan. 

Gewoon doorrennen,
leven vanuit je hoofd 
en gevoelens negeren.

Achteraf kan ik zien dat ik bang was
voor die binnenwereld.
Ik had van alles meegemaakt en oude
rauwe emoties ergens opgeslagen.
Dat ik bang was voor wat ik zou aantreffen. 

Deksel erop en nooit meer naar kijken 
was voor mij een prima oplossing. 
Een niets aan de hand- jas 
erover heen en klaar.

Pas toen ik echt stil begon te staan,
uit mijn hoofd kwam,
mijn niets aan de hand-jas uittrok,
de deksel van de put haalde,
ontdekte ik welke gevoelens er
werkelijk in mij leefden, 
welke emoties ik had opgesloten 
in mezelf.

Ik zette een deur in mezelf open
waardoor alles eruit kon komen,
ik ruimde op, zag in, begreep,
troostte en leerde lief te hebben.

Voelde de kracht in mezelf,
gaf mijn hart meer ruimte en
ontdekte een opening 
naar het universum, 
naar mijn bron van Energie.

Ik ging van een puntje op de aarde,
naar een kosmisch wezen in het heelal.
Enkel en alleen omdat ik stil ging staan
en voor mezelf bepaalde dat het 
niet langer ging zoals het ging.

Ik verlegde mijn focus 
van de maatschappij
naar het Leven. 
Luisterde naar dat altijd al 
aanwezige gevoel in mij 
dat er meer is dan we 
kunnen waarnemen
met onze zintuigen.

Het werd een zoektocht, 
een ontdekkingsreis,
naar wie ik ben, wat ik kan
en wat ik hier kom doen.
Ik stelde vele vragen
en iedere vraag werd beantwoord
en riep als vanzelf de volgende
vraag op. 

Ik ben zoveel meer dan 
dat ik dacht te zijn.
Ik kan zoveel meer dan 
dat ik dacht te kunnen.

Er brand nu een vuur in mij,
een vreugde, een bron van liefde.
Enkel en alleen omdat ik 
ruimte in mezelf heb gemaakt
zodat het er kan zijn.

Ik kijk met andere ogen,
ik luister met andere oren,
ik spreek met andere woorden,
Ik voel dieper dan ooit tevoren.

Dat is mijn rijkdom.
Dat is mijn Weten.
Dat is mijn dankbaarheid.

Lichtflits